Zelf auto wassen
Handmatig je auto wassen geeft het beste resultaat als je het goed aanpakt. Met de juiste producten en techniek voorkom je krassen en blijft de lak mooi. Deze tips helpen je op weg.
Wanneer zelf wassen?
Kies een moment met weinig wind, geen regen en een temperatuur tussen ongeveer 10 en 25 °C. Bij te veel wind komt er stof op de natte lak; bij regen is wassen zinloos. Check op vandaagautowassen.nl of het weer vandaag geschikt is om je auto te wassen.
Wat heb je nodig?
- Twee emmers: één met schoon spoelwater, zodat je de spons steeds uitspoelt en geen zand over de lak wrijft.
- Autoshampoo: gewone zeep of afwasmiddel is te agressief voor de lak en kan de waslaag aantasten.
- Zachte spons of washandschoen: microvezel of een dedicated autospons. Gebruik geen schuurspons of harde borstels op de lak.
- Een goede straal: bijvoorbeeld uit de tuinslang of bij een muntenwas. Spoel eerst los vuil weg voordat je met de spons gaat.
Zo was je zonder krassen
Begin met de auto nat te maken en los vuil weg te spoelen. Was van boven naar beneden: eerst het dak en de ramen, dan de motorkap en deuren, en als laatste de onderkant en wielen. Spoel je spons of handschoen regelmatig in de emmer met schoon water. Droog de auto na het spoelen af met een zachte (microvezel) droogdoek om druppelsporen te voorkomen.
Veelgemaakte fouten
Eén emmer gebruiken zorgt ervoor dat zand in je spons blijft en krassen maakt. In de volle zon wassen geeft vlekken door sneldrogend water. Ook te vaak wassen met agressieve middelen kan de lak en eventuele wax aantasten. Gebruik daarom altijd autoshampoo en was bij voorkeur in de schaduw of op een bewolkte dag.